Rueda

Je zou het vandaag de dag niet meer zeggen, maar eeuwenlang werd sherry door de verschillende koninkrijken, graafschappen en hertogdommen op het Iberisch Schiereiland beschouwd als de beste wijn ter wereld. En aangezien de Jerezstreek lange tijd onderdeel uitmaakte van het Islamitische Rijk in Andalusië, moest dit type wijn noodgedwongen ergens anders worden gemaakt. De beste plek daarvoor was Rueda, waar een autochtone druivensoort voorkwam die uit zichzelf oxideerde: de verdejo.

Aan de productie van deze populaire wijn kwam een einde toen de phylloxera-epidemie in 1909 alle wijnstokken in Rueda aantastte en de wijnbranche een aantal jaren stillegde. In de periode daarna werd weliswaar veel palomino aangeplant en probeerde men de productie van de sherryachtige pálido-wijnen nieuw leven in te blazen, maar inmiddels werden in Jerez van diezelfde druif veel betere wijnen gemaakt.

Pas in de jaren zeventig van de twintigste eeuw leek aan de uitzichtloze situatie een einde te komen. Emile Peynaud, oenoloog en professor aan de Universiteit van Bordeaux, onderzocht de omstandigheden van Rueda en adviseerde om de lokale druif verdejo in ere te herstellen. Hij had namelijk ontdekt dat daar met moderne vinificatietechnieken wel degelijk een frisse, fruitige wijn van gemaakt kon worden. Stuk voor stuk begonnen experimentele bodegas hun traditionele uitrusting te vervangen door temperatuurgecontroleerde roestvrijstalen tanks, moderne pompen en leidingen van kunststof of roestvrijstaal. Andere bodegas volgden hun voorbeeld en tegenwoordig behoren Ruedawijnen tot de beste en populairste witte wijnen van de wereld.

Verdejo heeft zich perfect aangepast aan de barre omstandigheden van de streek: de arme zanderige kiezelbodem hoog op de Meseta, nauwelijks neerslag en temperaturen die in de zomer gemiddeld 30˚C bedragen en in de winter amper boven het vriespunt uitkomen. Door de grote verschillen in dag- en nachttemperatuur rijpen de druiven langzaam en ontwikkelen ze intense aroma’s en frisse zuren. Om te voorkomen dat die frisheid verloren gaat, vindt de oogst veelal ’s nachts plaats en worden de druiven in gekoelde voertuigen razendsnel naar de persruimtes gebracht. Verdejo komt als cépagewijn op de markt, maar wordt vaak aangevuld met een percentage viura en steeds vaker ook met sauvignon blanc. Laatstgenoemde druif geeft op het terroir van Rueda goede resultaten en behoort inmiddels tot de wettelijk toegestane witte druivenrassen.

Verreweg de meeste Ruedawijnen zijn wit. Er wordt een toefje rosé gemaakt en het kleine beetje rood komt, na een korte periode als DO-wijn te zijn geproduceerd, nu weer als Vino de la Tierra op de markt.

Enig resultaat